Instructies
4 personen
Voor de bodem
- 1
Maal de spritskoeken fijn. Smelt de boter en meng die samen met een snuif zout onder de gemalen koeken.
200 g spritskoeken, 80 g boter, grof zout - 2
Stort het koekjesmengsel in een springvorm bekleed met bakpapier. Duw de bodem goed aan en laat 'm opstijven in de koelkast.
Voor de taart
- 3
Laat de blaadjes gelatine weken in een kom koud water.
4 blaadjes gelatine (±3,5 g per blaadje) - 4
Breng de melk en de room aan de kook. Voeg er de zaadjes van het vanillestokje, het kaneelstokje en de schil van de sinaasappel en citroen aan toe.
6 dl melk, 3 dl Room, 1 stokje vanillestokje, 1 stokje kaneelstokje, 0,5 Zeste van sinaasappel, 0,5 Citroen zeste - 5
Klop de suiker met de dooiers tot een lichtgele ruban. Roer er dan het puddingpoeder onder.
100 g suiker, 4 eierdooiers, 60 g puddingpoeder - 6
Zeef de hete melk bij de ruban. Giet alles terug in de pot en breng al roerend aan de kook. Voeg de geweekte en uitgeknepen gelatineblaadjes toe en roer tot de pudding mooi ingedikt is.
- 7
Giet de warme pudding op de koekjesbodem. Laat de taart minstens 4 uur opstijven in de koelkast.
Om af te werken
- 8
Meng de witte en bruine suiker door elkaar. Strooi dit suikermengsel over de taart.
3 el witte suiker, 3 el bruine suiker - 9
Karameliseer de suiker met een gasbrander tot een mooi goudbruin korstje.