Instructies
4 personen
De appelroosjes
- 1
Verwarm de oven voor tot 170 °C.
1 Jonagold appel, 4 el bruine suiker, 4 el appelmousseline, 1 vel bladerdeeg, 4 el suikersiroop, boter, 1 ei - 2
Snijd de ronde kanten van het bladerdeeg zodat je een vierkant krijgt. Snijd het vierkant in 4 gelijke repen.
- 3
Splits het ei. Klop de eierdooier los met een scheutje water.
- 4
Strijk het bladerdeeg licht in met losgeklopt ei en strooi er een beetje bruine suiker over.
- 5
Snijd de onder- en de bovenkant van de appel. Snijd hem dan in kwarten. Verwijder het klokhuis en snijd de kwartjes in flinterdunne plakjes met een rasp of mandoline.
- 6
Leg de appelplakjes dakpansgewijs en met de ronde kant naar boven op de repen bladerdeeg. Leg er een tweede laagje appel op. Houd onderaan ongeveer 1 cm vrij en aan de zijkant 2 cm. Duw de zijkant wat plat zodat je het roosje straks gemakkelijk kunt sluiten.
- 7
Leg een streep appelmousseline aan de onderkant van de appelplakken.
- 8
Vouw de onderste rand naar boven. Bestrijk met losgeklopt ei en strooi er wat bruine suiker over.
- 9
Rol de reep voorzichtig op tot een roosje. Bestrijk de buitenkant met losgeklopt ei.
- 10
Beboter een muffin- of cupcakevorm en zet er de gebakjes in.
- 11
Bestrijk de appeltjes bovenaan de roosjes met suikersiroop.
- 12
Bak de roosjes ongeveer 30 minuten in de voorverwarmde oven.
- 13
Haal de roosjes meteen uit de vorm.
Afwerking
- 14
Bestuif de appelroosjes met bloemsuiker en serveer eventueel met een bolletje ijs.
4 vanille-ijs, bloemsuiker